Vaste grond onder je voeten

Wist je dat cultuur in organisaties ook gevormd wordt door de grond waarop ze staan? Door de trots, het minderwaardigheidscomplex, het wantrouwen of de autonomie die in die grond gebakken zit? Speuren naar die vaste grond onder jullie voeten is een gouden aanwijsstok voor het DNA van de organisatie. Dus niks geks aan om je af te vragen hoe Limburgse grond in het CDA zit, de Drentse klei in de provincie Drenthe, de Twentse grond onder OAD. 

Ik heb mazzel. Ik kom in verschillende organisaties en verschillende branches. Ik ga steeds door een andere deur, op andere grond. En ik had dubbel mazzel, toen ik twee afspraken achter elkaar had op Bijlmer-grond, 200 meter bij elkaar vandaan. 

De eerst op het hoofdkantoor van een bank, waar je (of ik in ieder geval) voor de lol in de hal gaat zitten om je te vergapen aan mooie, hippe, fantastisch geklede mensen. Waar je hartelijk ontvangen wordt door mooie, hippe, fantastisch geklede jonge hostessesesses. Waar je extreem lekkere koffie krijgt van een barista terwijl je op die luxe bank wacht op je afspraak. Een omgeving waar ik me acuut bewust ben dat ik toch vaker naar de kapper kan, mijn hakken een stuk hoger kunnen, mijn niet-elektrische auto nogal opvalt in de parkeergarage en mijn tas geen Gucci is. 

Een uur later was ik bij een verzorgingshuis. Zonder parkeergarage. Waar André Hazes me bij de ingang tegemoet schalde en ik niet zeker wist of degene die me ontving de receptioniste was of een bewoner. En ik me niet alleen in een volkomen andere branche en in een volkomen andere wereld bevond, maar me ook wit en rijk en overdressed voelde met m’n niet eens zo hoge hakken, mijn hippe bril en m’n leren werktas. 

De directie had een fikse klus aan de fiets hangen. Financieel was het belabberd, kwaliteit van zorg kon beter, er was gedoe met 'incidenten'. "Wat doet het ertoe dat jullie in de Bijlmer staan?", vroeg ik. Gekke vraag die uit mijn mond kwam vallen; ik had bij die bank van net geen enkele aanvechting om die vraag te stellen.

De directie vertelde hoe het pand, de bewoners, de medewerkers, de resultaten, iedereen en alles getekend was door alle problemen uit de Bijlmer. Hoe moeilijk het was om geweld letterlijk en figuurlijk uit de organisatie te weren. Hoe ‘je staande houden’ en ‘doormodderen’ op alle mogelijke manieren, voor bewoners, medewerkers en directie aan de orde was. Hoeveel verslaving en discriminatie er was onder bewoners en onder medewerkers. Hoe geldproblemen aan de orde van de dag waren en de tekorten van dit verzorgingshuis groter dan van andere verzorgingshuizen. Hoe de torenhoge verzuimcijfers maar niet onder controle te krijgen waren, omdat medewerkers niet op kwamen dagen als hun zonen werden opgepakt, hun huisgenoten hun handen niet thuis konden houden of de elektriciteit werd afgesloten in hun huurwoning. Hoe sturen op resultaten zoveel moeilijker was in deze organisatie met de meetlat ‘op komen dagen’. 

Slechts 200 meter verderop was de Bijlmer-grond in de hele organisatie voelbaar.

"De Bijlmer zit in onze haarvaten, eigenlijk ..." zeiden ze. Het viel stil aan tafel. "Misschien moet je dat eerst maar eens een tijdje hardop gaan zeggen", zei ik. "Voordat je gaat praten over kwaliteit van zorg, resultaatverantwoordelijke teams, resultaten, financiën."

Erkennen: 'dit is de grond onder onze voeten'; het is een simpele, ongelofelijk krachtige interventie bij hardnekkige cultuur waar je graag vanaf wilt. Uitspreken 'dit hoort bij ons'. 

Het is niet voor niks dat ik adviseurs in mijn systemische master aanmoedig om bij cultuurverandering in geschiedenisboeken te duiken. En atlassen open te slaan. Daar stikt het van de hints hoe de cultuur in een organisatie is gevormd door de grond. Laatst kwam een deelnemer er zo achter dat de gemeente met een zeer hardnekkige wij-zij-cultuur ooit bestond uit onder en boven de rivier. Die rivier, die heel lang geleden dwars door de gemeente liep, was verdwenen. Onder en boven de rivier was er letterlijk niet meer, maar wij-zij was gebleven, die was springlevend zelfs. 

Goh.

Eén opmerking over de verdwenen rivier zorgde acuut voor ongekende rust in de tent. Voor het eerst lucht in de wij-zij-cultuur.

Als je als adviseur weet waar je moet zoeken en organisaties eenvoudig de weg kunt wijzen naar de vaste grond onder hun voeten, dan ben je goud waard voor organisaties in cultuurverandering. Je hebt bovendien de sleutel naar minder cultuur-gedoe: een paar doodsimpele interventies die werken maar bijna niemand gelooft.  Wil je ook? Er zijn nog een paar plekken beschikbaar in de master die in september start, dus gauw inschrijven!
Kun je meteen ook speuren naar je eigen vaste grond onder je voeten. Want het helpt ook om te weten met welke modderpoten van welke klei jij eigenlijk organisatiegrond betreedt.


Reactie plaatsen