De kinderboekenweek-kwaal

Ik heb het al zo vaak gehoord: "Iedereen is vóór, en vervolgens wordt iedereen tegen ...! Hoe kan dat?!" Het is een van de grootste hoofdbrekens in organisaties in verandering: mensen zitten te springen om zelfsturing, autonomie, zichtbaarheid, invloed, impact of iets anders zeer gewensts en als het eenmaal zover is, als het 'eindelijk' gaat gebeuren, lijkt het alsof het gebrek aan zin met de dag groeit. Er is zelfs weerstand tegen wat gisteren nog met open armen werd ontvangen. Hoezo?!

Dus wordt mij vaak, heel vaak gevraagd: hoe kan dat?

Sinds kort heb ik een nieuwe term voor onnodige weerstand die je per ongeluk zelf organiseert. De Kinderboekenweek-kwaal. Met dank aan de Kinderboekenweek, die al weer een week geleden is. En omdat ik in een boekwinkel werk, sta ik ‘front row’ voor de cultuurdingetjes die bij dat jaarlijkse feest horen. Natuurlijk veel kinderen. En ook veel ouders van die kinderen. En opa’s en oma’s met kleinkinderen.

Verrukte gezichten van kinderen die uren zoeken en kijken en lezen. Kinderen met keuzestress. Kinderen met dyslexie en ingehouden tranen, omdat de dyslexie-boeken zo verschrikkelijk kinderachtig zijn. Verveelde gezichten van kinderen die het jaarlijkse uitje met opa en oma allang ontgroeid zijn maar toch, om hun - en hun moeder - een plezier te doen met dit gezellige uitje, naar de boekwinkel komen. En dus geen handige transactie bij Bol.com van hun allang uitgezochte favoriete boek, betaald met een digitale boekenbon van opa en oma. Dus wel ongeduldig wachten (“Voor de ingang, want dat is gezellig om samen met hen naar binnen te gaan, jongens”), tot ze de parkeermeter hebben gevonden (“Geen Parkmobile, dat is ingewikkeld”). Dan linea recta naar dat boek met een cover waar oma de kriebels van krijgt en vervolgens in één streep naar de kassa (“Nee, natuurlijk niet ingepakt, tsss, is voor mezelf”). Binnen vijf minuten weer weg (“Doei opa!”), moeder beschaamd en haar ouders verbijsterd achterlatend met drie kinderboekenweekgeschenken.

Het aller-allerleukste vind ik de ‘je mag ‘m helemaal zelf uitkiezen!!!’ Die hoor je tijdens de kinderboekenweek natuurlijk aan de lopende band. Soms begint dat al buiten bij de fiets. Ik hoor ze dan letterlijk al van verre aankomen. Je hebt de omkoop-variant voor kinderen die helemaal geen boek willen of hoeven, en de feestvreugde-verhogende-variant tegen kinderen die de boekwinkel zien als paradijs. Meestal kun je het aan de kinderen zien, dat verschil. En ik herinner me in ieder geval nog hoe bij mijn kinderen beide varianten aan de orde waren: mijn dochter genietend van weer een toffe familietraditie met taartje toe en mijn zoon die het onnodig inefficiënt vond, zo’n boekwinkel, en bovendien een bloedhekel had aan fantasy, het favoriete genre voor zijn leeftijd. Hij pakte zuchtend het boek dat ie al online had gezien en ging dan nog harder zuchtend alvast bij de kassa ging staan terwijl mijn dochter en ik, geholpen door een enthousiaste winkelmevrouw, het ene na het andere boek ‘oh kijk, dit is ook leuk!’ bekeken.

Je mag helemaal zelf kiezen dus, in de Kinderboekenweek. Grote kans dat kinderen met deze belofte verheugd op de gi-ga-gave Geronimo Stilton Fantasia afstappen, die blij omhooghouden en dan klinkt “Nee, niet die!”. Het leven van een Loser, deel 16 dan? “Nee, dat is ook geen boek, daar staan ook alleen maar tekeningen in. Kies nou een echt boek. Wil je anders niet iets van Thea Beckman of Roald Dahl ofzo?” “Nee, ik wil deze. Ik mocht toch zelf kiezen?” “Ja, je mag ook zelf kiezen, maar niet die.”

Jongens van 6 leggen mokkend het prentenboek De ridder zonder billen weer weg. Meisjes van 10 zetten met pre-puber-verachting het boek Unreleased van influencer Monica Geuze weer terug. Ook maar niet The fault in our stars, “dat gaat over kanker, dat is te zielig voor jou”.

Ik heb het niet geteld, maar ik vermoed dat de lees-zin van kinderen behoorlijk afneemt door ‘je mag helemaal zelf kiezen maar niet deze’.

En dat is precies wat er soms gebeurt in organisaties in verandering. Dus vroeg ik in een organisatie met verrassend weinig zin in zelfsturing (na een warm onthaal met feestelijke kick-off) of ze misschien last hadden van de kinderboekenweek-belofte. Natuurlijk keken ze me niet-begrijpend aan. Of ze misschien die zelfsturing hadden gebracht als ‘je mag helemaal zelf weten hoe je zelf stuurt’?

Nou ehhh, ja misschien …

Ze realiseerden zich dat ze behoorlijk vaak ‘nee, niet dit en niet zo’ hadden geantwoord op weer een creatief zelfsturings-initiatief van medewerkers. Geen wonder dat medewerkers chagrijnig worden. De belofte is ‘alle ruimte’; de realiteit is nog niet de helft. 
De oplossing is overigens niet per se alle ruimte. De oplossing is: kader. Zeg binnen welke grenzen er zelf gestuurd en gekozen mag worden. En houd je eraan.
Kan ook geen kwaad om sorry te zeggen, als je je ineens realiseert dat je vergeten bent te kaderen. In plaats van 'hoe durf je, natuurlijk niet dit'. Zoals ouders soms op hun kind reageren als ie dat fantastische fotoboek van Jimmy Nelson Between the Sea and the Sky kiest; kost € 125,-.

Die kinderboekenweek-kwaal, daar krijg je onnodige weerstand van. Kun je makkelijk oplossen. En voor al die andere logische en onlogische weerstand, met oplossing, kun je gewoon mijn nieuwe boek Cultuurdingetje, hè ... kopen. Of luisterboek, ook lekker. In alle gevallen krijg je van mij daar het e-book bij cadeau!

P.S. Toen ik mijn kinderen vertelde over ouders met hun ‘je mag helemaal zelf kiezen maar niet heus’-belofte, keken ze mij verbijsterd aan. En daarna elkaar. “Seriously mam …? Jij was geen haar beter.” 
Ohh.
Reactie plaatsen